The Ambrosians zijn bepaald niet van gisteren. Ze zijn al in 1976 opgericht door hun toenmalige dirigent Wim Kloek uit Blaricum. Maar nog altijd staan ze kordaat en onvermoeibaar op tal van podia. Een blik in de historie van de vocal-group leert dat het repertoire aan een voortdurende vernieuwing onderhevig is. Wim Kloek was een "klassieke" dirigent. Hij vormde zijn zangers en zangeressen tot een voornamelijk klassiek gezelschap. Zijn grote kracht lag in het voor zangstemmen bewerken van klassieke orkestwerken, zoals de ,,G-Mol Symfonie”  en  de  ,,Turkse Mars”  van Mozart  en  Bach’s  ,,Menuet  en

   

Badinerie”. Ook zijn voorliefde voor Balkanmuziek was  terug  te vinden in het repertoire van The Ambrosians. Gaandeweg sloop er lichte muziek in het programma, zoals Roberta Flack’s ,,Killing me Softly” en American Songbook-stukken als ,,The man I love” en ,,Summertime”.

 

Toen Wim Kloek na vele jaren afscheid nam van zijn Ambrosians, kwam de bekende kerkorganist Wybe Kooijmans voor de groep te staan. Daarmee diende zich niet alleen een nieuwe generatie aan maar als uitvoerend musicus wist hij bovendien als geen ander hoe een vocal-group behoorde te klinken. Met hem kwamen er nieuwe werken op de lessenaar te staan, die het klassieke repertoire steeds verder achterin de repertoirelijst deden belanden. Stukken als ,,Let’s call the whole thing of” en ,,Puttin’on the Ritz” deden hun intrede.  Toen de oorspronkelijke muzikale loopbaan van Wybe Kooijmans hem dermate ging opeisen dat hij The Ambrosians vaarwel moest zeggen, moest de groep op zoek naar een nieuwe pianist/dirigent.

Dat viel nog niet mee, want The Ambrosians hadden de lat hoog gelegd. Gelukkig kwam Paul Geurts in beeld, afkomstig uit België, maar woonachtig in Nederland. Met zijn komst veranderde veel. Hij wist vanaf het begin het kleine koor enthousiast te krijgen. Onder zijn leiding werd het zilveren jubileum in 2001 met een daverend concert in het uitverkochte  theater van De Graaf Wichman in Huizen gevierd. En er kwam een mooie jubileum-CD uit.

Paul Geurts heeft het repertoire drastisch vernieuwd, zonder het oude volledig af te schrijven. Wel werd de oorspronkeljke herkenningsmelodie ,,Padaba” van wijlen Wim Kloek vervangen door een Middeleeuws koorwerkje ,,Sing we and chant it”. Nieuw werk werd voor de vocal group gearrangeerd zoals ,,Take me home country roads” of ,,Pastorale” en ,,Aquarius” om maar enkele van de vele nieuwe stukken te noemen.

Zo blijven The Ambrosians jong en enhousiast, zoals het Griekse ambrosia-kruid dat volgens de legende eeuwig leven schenkt, en waaraan The Ambrosians hun naam danken.